Polen
In deze blog niets over het denigrerende toontje waarop in ons land over goedkope Poolse werknemers wordt gesproken. Tijd voor een optimistische blog over Polen.
De treinkaartjes zijn besteld: ik ga deze zomer op vakantie naar Polen. In twee weken maken we een rondje langs een aantal steden, met aansluitend een heuse Poolse bruiloft. De bruiloft is de reden dat we gaan, maar waarom zou je dan niet wat langer blijven?
Wat doe je als je naar een land gaat waar je niets van weet? Op zoek naar leuke steden heb ik voornamelijk gebruik gemaakt van Wikipedia, veel handiger dan al die toeristische websites met veel te veel info! Zodoende kwamen we tot een mooi lijstje, en dit weekend hebben we de treinkaartjes besteld. Hoewel er een rechtstreekse trein van Amsterdam naar o.a. Warschau gaat, hebben we de kaartjes bij de Deutsche Bahn (tot aan Berlijn) en de Polskie Koleje Państowe moeten bestellen. Onze ver weggestopte kennis van het Duits bleek voldoende te zijn om alles te begrijpen, en gelukkig spreekt vriendlief een aardig woordje Pools. Dit alles kon echter niet voorkomen dat we waarschijnlijk op de terugweg door een paar treinstellen van elkaar gescheiden zijn.
En dan. De taal. Ik kan ‘hallo’ en ‘doei’ zeggen en ‘goedenavond/welterusten’, maar dat was het. Het Pools is voor mij een aaneenschakeling van veel te lange woorden met veel w’s en heel veel accenten op en onder letters die het Nederlands niet kent. Zo heb je in het Pools de Ä… en de Ä™ met een staartje, de ć, de Å„, de Å›, de ź met een streepje en de ż met een puntje. Ook is er nog de Å‚, die je als een w uitspreekt. Het opeenstapelen van medeklinkers lijkt ook een favoriete bezigheid van de Polen te zijn, getuige plaatsnamen als Szczecin, Bydgoszcz en WaÅ‚brzych. Helaas lijkt het Pools in de meeste gevallen op geen enkele andere taal die ik beheers. Om het nog verwarrender te maken: ‘tak’ is in het Pools ‘ja’, maar in het Deens is het ‘dankuwel’. Natuurlijk zijn er af en toe wat leenwoorden die veel weghebben van het Nederlands of Duits: ‘burmistrz’ is ‘burgemeester’ en zo zijn er ook wat woorden die in vrijwel elke taal ongeveer hetzelfde zijn: ‘uniwersytet’ en ‘intelektualny’. Verder is het mij nog een raadsel. Als een klein kind wees ik vanmorgen alles aan wat er op de ontbijttafel stond om van vriendlief te horen hoe dat in het Pools genoemd werd. Ik weet alleen nog dat ‘mleko’ Pools is voor ‘melk’.
Om over de grammatica nog maar te zwijgen. Ze hebben 7 (ZE! VEN!) naamvallen, alles wordt verbogen afhankelijk van de functie, werkwoorden worden vervoegd met vaak klankveranderingen en en persoonlijke voornaamwoorden worden meestel niet gebruikt. Ik dacht dat ik na twee jaar Latijn op de middelbare school af wasvan rijtjes stampen, maar als ik me echt in het Pools wil verdiepen,mag ik dus weer gaan stampen.
Voorlopig ga ik me denk ik vooral in de uitspraak verdiepen. Dat doe ik door met de songteksten erbij naar Poolse muziek te luisteren. Zo vond ik bijvoorbeeld de broertjes Golec:
De muziek doet een beetje gypsy aan, een beetje balkan beat, een beetje disko partizani. Maar ze zien eruit als een paar mislukte Toppers. Het nummer gaat, voor zover ik heb begrepen, over de zomer in de bergen, over schoonouders en een heel groot probleem. Maar je wordt er wel vrolijk van!
Sowieso is Polen een land om vrolijk van te worden. Niets chagrijnig Oostblok, de Polen staan zelfs bekend om hun gastvrijheid en hun charme (de trouwkaart die we kregen was trouwens ook de meest kitscherige die ik ooit heb gezien). Alles wat na WO II gerestaureerd is, ziet er schitterend uit op de foto’s. Felgekleurde gebouwen rondom pleinen met rijk versierde fonteinen. Veel kerken – 90 procent van de Polen is katholiek – met heel, heel veel versieringen.
Nu we het toch over het geloof hebben: ook de bruiloften in Polen schijnen een genre apart te zijn. Bij binnenkomst krijgen de bruid en bruidegom brood, zout en wodka van hun ouders en gooien het glas en het bord kapot. Er word niet met rijst gegooid, maar met muntgeld en de bruidegom gooit haar bruidsboeket niet het publiek in. Wel haar sluier, en de man doet hetzelfde met zijn strikje. De twee die de dingen hebben gevangen, moeten samen dansen.
Gelukkig heb ik nog even om me voor te bereiden, maar ik heb er ook heel veel zin in.